Erkenning astrologen


Regeling erkenning Astrologen ASAS
De ASAS heeft een erkenningsprocedure, waarbij autodidacten, mensen van een niet erkende opleiding en ervaren astrologen het lidmaatschap van de ASAS kunnen verwerven. In deze regeling staan de criteria, de voorwaarden en de procedures.

 
De verschillende lidmaatschappen
De ASAS kent de volgende lidmaatschappen:
- Praktijkvoerend astroloog; deze verkrijgt men na het behalen van het landelijk examen.
- Astroloog; deze verkrijgt men na het succesvol doorlopen van de erkenningsprocedure van de ASAS
- Aspirant-lid; deze verkrijgt men bij aanvraag van het lidmaatschap en duurt maximaal vijf jaar
- Student-lidmaatschap; deze kan men aanvragen als er een ASAS-erkende opleiding wordt gevolgd en duurt maximaal vijf jaar.
- Vriend van de ASAS.
Alle lidmaatschappen staan vermeld in het huishoudelijk reglement.
 
1. Erkenningsprocedure
 
1.0. Aanvraag erkenningsprocedure.
Om de erkenningsprocedure aan te vragen stuurt men het formulier met de aanvraag voor het betreffende lidmaatschap naar het secretariaat. Hoe de verdere procedure verder verloopt staat hieronder bij de verschillende categorieën vermeld.
 
1.0.1 Autodidacten en kandidaten zonder diploma van een erkende opleiding
Kandidaten zonder erkend diploma kunnen erkend lid worden door het volgen van de erkenningsprocedure. De kandidaat krijgt een mentor uit de erkenningscommissie toegewezen, die aan de hand van de in dit stuk beschreven criteria de kandidaat beoordeelt. De mentor neemt binnen twee weken na de toekenning van de kandidaat aan de mentor contact op met de kandidaat. In dit eerste contact wordt de te volgen procedure besproken en afspraken gemaakt over de data van de in te leveren stukken. Na dit eerste gesprek is de kandidaat zelf verantwoordelijk voor het opnemen van contact met de mentor of het insturen van materiaal. De kandidaat moet minimaal één keer per jaar contact hebben met de mentor over de voortgang van de erkenningsprocedure.
 
De kandidaat stelt een examendossier samen, zoals beschreven onder punt 2. De mentor heeft een of twee gesprekken met de kandidaat aan de hand van het ingeleverde materiaal. De kandidaat ontvangt een bericht over de uitslag van het betreffende werkstuk. Het eindgesprek vindt plaats in het bijzijn van een tweede examinator (lid mentorcommissie) die tevens het examendossier beoordeelt.
 
1.0.2. Gediplomeerden van ASAS erkende opleidingen
Indien een kandidaat een diploma voor Astroloog of Praktijkvoerend Astroloog heeft behaald bij een door de ASAS erkende opleiding dan kan de kandidaat, zonder verdere toetsing, lid worden van de ASAS. De kandidaat verkrijgt dan het lidmaatschap dat aansluit bij dit diploma. Op de website van de ASAS staan de door de ASAS erkende opleidingen.
 
1.0.3. Kandidaten van een (nog) niet-erkende opleiding
Als een opleiding (nog) niet ASAS-erkend is, is het mogelijk om kandidaten aan te melden voor een ASAS-erkenning via de erkenningsprocedure. Deze erkenningsprocedure kan dan op locatie van de opleiding worden gevolgd. De betreffende opleiding kan hiervoor een verzoek indienen bij de erkenningscommissie. De kandidaat dient te voldoen aan de exameneisen zoals genoemd onder punt 2.1 van deze regeling.
 
1.0.4. Kandidaten met AVN-erkenning
Erkende AVN-leden en kandidaten met een diploma van een erkende AVN-opleiding worden geaccepteerd na een kennismakingsgesprek waarin vastgesteld wordt in welke mate iemand praktiserend is en beschikt over actuele vakkennis. Men verkrijgt dan het bijbehorende lidmaatschap van de ASAS en men dient zich te houden aan de ASAS-beroepscode.
 
1.0.5. Ervaren praktijkvoerende astrologen
De ASAS is van mening dat mensen die hun sporen verdiend hebben in de astrologie niet de erkenningsprocedure, en daarmee het maken van werkstukken, hoeven te volgen. Daarom is de procedure dat de ASAS bij mensen die al langer met astrologie bezig zijn eerst een gesprek aangaat over hun achtergrond en ervaringen ten aanzien van de astrologie. Als uit dit gesprek blijkt dat iemand voldoende ervaring heeft en activiteiten doet of heeft gedaan op dit gebied dan kan de ASAS besluiten dat men zonder verder werkstukken te maken en zonder verdere begeleiding lid kan worden van de ASAS.
 
We vragen in dit gesprek om een aantal zaken te laten zien die iemand heeft gedaan of gemaakt, zoals folders van activiteiten, lesmateriaal of publicaties die de betreffende persoon heeft geschreven of onderzoeken die men heeft gedaan. Dit mag van alles zijn waaruit het bestuur of de commissie kunnen concluderen dat iemand voldoende kennis en ervaring heeft en momenteel hier ook actief mee is.
Dit gesprek wordt gevoerd door iemand uit de erkenningscommissie en iemand uit het bestuur. Indien de kandidaat in aanmerking denkt te komen voor de procedure voor ervaren astroloog dient dit bij de aanmelding vermeld te worden.
 
Het bestuur kan iemand in uitzonderlijke gevallen, die zich verdienstelijk heeft gemaakt voor de astrologie, uitnodigen om lid te worden van de ASAS.
 
1.1. Kosten
- De kosten voor de erkenningsprocedure bedragen € 150,- per jaar. Het jaar voor de erkenningsprocedure gaat in op het moment dat de kandidaat met de mentor afspraken heeft gemaakt over de te volgen procedure.
- De kosten voor het intakegesprek bij ervaren astrologen kost € 150,-.
- Kandidaten met een diploma van een erkende opleiding kunnen zich inschrijven bij de ASAS waarbij een kopie van het diploma is bijgevoegd. Hiervoor worden geen kosten in rekening gebracht.
- De kosten voor de erkenningsprocedure bij een (nog) niet door de ASAS erkende opleiding bedragen € 150,- per kandidaat.
De kosten dienen gelijk met de aanvraag te worden betaald.
 
1.2. Duur van de erkenningsprocedure
De maximale termijn voor het volgen van de erkenningsprocedure is drie jaar. De kandidaat wordt direct aspirant-lid van de ASAS. Het aspirant-lid zal na het doorlopen van de erkenningsprocedure het lidmaatschap van astroloog of praktijkvoerend astroloog verwerven. Indien de erkenningsprocedure niet binnen drie jaar is afgerond zal het aspirant-lidmaatschap automatisch omgezet worden naar Vriend van de ASAS. In uitzonderlijke gevallen kan de kandidaat een verlenging van een jaar aanvragen bij het bestuur. De kandidaat dient een met redenen omkleed verzoek hiertoe in te dienen.
 
1.3. Klachtenregeling
Indien de kandidaat het niet eens is met de beoordeling van de erkenningscommissie, dan wordt dit in eerste instantie bij deze mentor gemeld en met hem of haar besproken. Als beide partijen het vervolgens nog niet eens zijn met de uitslag van het examen, dan wordt het bestuur hierover geïnformeerd. Het bestuur zal dan een derde aanstellen, om een oordeel te geven over het examen. Indien de partijen vervolgens niet tot overeenstemming komen kan de klachtencommissie van de ASAS worden ingeschakeld.
 
2. Erkenning tot astroloog
 
Er is een erkenningsprocedure dat door de erkenningscommissie wordt afgenomen en er is een landelijk examen dat door de landelijke examencommissie wordt afgenomen.
Het examen van de erkenningscommissie bestaat uit het maken van een aantal werkstukken waaruit blijkt dat er een gedegen vakkennis en inzicht aanwezig is. Dit deel wordt door de mentor van de erkenningscommissie getoetst. Als de stukken van het examen van de erkenningscommissie zijn gegekeurd dan wordt het aspirantlidmaatschap omgezet naar het lidmaatschap van astroloog. Na het behalen van dit examen kan men door voor het landelijk examen.
Het landelijk examen is gericht op het integreren en toepassen van de stof in praktijksituaties en in de omgang met cliënten. Na het behalen van dit diploma wordt het lidmaatschap omgezet van astroloog naar praktijkvoerend astroloog.
 
2.1. Het examen van de erkenningscommissie
De Het dossier dient minimaal te bevatten:
1.    Een radixanalyse.
2.    Een relatievergelijking incl. composiet of combine.
3.    Een actualiteitsanalyse.
4.    Een eindwerkstuk.
5.    Een literatuurlijst en een literatuurverslag.
6.    Een werkstuk waarin de kandidaat beschrijft hoe hij/zij werkt met de astrologie.
 
NADERE UITWERKING RICHTLIJNEN ASAS
-        De werkstukken 1, 2 en 3 van het examendossier moeten in helder Nederlands (eventueel in overleg in een andere taal) opgesteld zijn. Het gebruik van astrologisch vakjargon moet in deze werkstukken vermeden worden. De astrologische factoren aan de hand waarvan de duidingen zijn opgesteld moeten in de kantlijn vermeld worden of in een bijlage middels een helder verwijssysteem. De relatiehoroscoop en actualiteitsanalyse moeten vergezeld gaan van duidelijke bijlagen en aspectenlijsten, waarop tevens wordt aangegeven welke onder-delen/aspecten wel of niet zijn gebruikt in de analyse.
-        De onderdelen 1, 2 en 3 mogen samen in één werkstuk verwerkt worden.
-        In de werkstukken dient een aantoonbaar overzicht en samenhang getoond te worden m.b.t. de horosco(o)p(en) en er moet een heldere lijn zichtbaar gemaakt worden.
-        De kandidaat maakt op een bepaald onderdeel een ‘diepteanalyse’: een thema of aspect wordt uitgewerkt, waarbij de kandidaat laat zien dat hij/zij in staat is een onderdeel zo compleet mogelijk uit te werken en toe te lichten. Deze diepteanalyse kan eventueel als bijlage worden toegevoegd aan al gemaakte werkstukken.
-        De kandidaat wordt slechts na goedkeuring van het examendossier door de tweede examinator geëxamineerd. Zie bijlage 1.
-        Bij de beoordeling van de werkstukken en het eindexamen worden de criteria gehanteerd, zoals neergelegd in het beroepscompetentieprofiel.
 
DE WERKSTUKKEN
 
1. Een radixanalyse.
In een korte inleiding geeft de kandidaat duidelijk uitleg waarom hij/zij welke werkwijze hanteert en wat de vragen en relevante omstandigheden van de cliënt zijn. In de analyse maakt de kandidaat zichtbaar dat hij/zij de basisonderdelen beheerst, zoals: elementen, kruizen, tekens, planeten, zwarte lichten, huizen en huisheren, aspecten, aspectpatronen, retrograde en ongeaspecteerde planeten, onderschepte tekens, maansknopen. De kandidaat mag werken vanuit een eigen systeem en visie, mits astrologisch verklaarbaar. De horoscoop moet een duidelijke schets van de cliënt geven en de uitwerking van een thema, waarbij eventuele talenten en blokkades worden belicht en de kandidaat richtingen aangeeft om tot meer zelfinzicht te kunnen komen.
 
2. Een relatievergelijking incl. composiet of combine.
In een korte inleiding maakt de kandidaat duidelijk welke werkwijze hij/zij hanteert, wat de vragen en relevante omstandigheden van de cliënten zijn en in welke verhouding zij tot elkaar staan. De kandidaat benoemt de factoren die hij/zij voor deze relatie als kenmerkend ziet. Als technieken worden gehanteerd: duiding relatiethema’s uit de radix, synastrie en uit de compositie of combine De kandidaat maakt een analyse van een relatie tussen twee mensen, waarbij een sterkte/zwakte analyse gemaakt wordt. Daarbij worden de volgende onderdelen beschreven:            
-        De persoonlijke relatiethema’s in elke radix
-        Hoe reageren de twee personen op elkaar (synastrie en composiet/combine)
-        Een visie op de relatie gezien de vraagstelling van de cliënten
 
3. Een actualiteitsanalyse.
In een korte inleiding maakt de kandidaat duidelijk welke werkwijze hij/zij hanteert en wat de vragen en relevante omstandigheden van de cliënt zijn De kandidaat maakt gebruik van drie technieken, waarbij de transits verplicht zijn, om een helder beeld te geven van de fase waarin de cliënt zich bevindt. Daarbij wordt gekeken naar de samenhang van de progressieve standen met de radix en de groeimogelijkheden en leermomenten die dat met zich mee brengt. Diverse levensgebieden worden in deze analyse uitgewerkt en toegelicht.
 
4. Een eindwerkstuk.
De eindscriptie kan een eigen onderzoekje over een zelfgekozen onderwerp zijn. In dat geval is het astrologische onderwerp onderzocht aan de hand van minimaal 6 horoscopen op basis van een duidelijke hoofdgedachte en de daaraan gekoppelde vraagstelling. Eerdere astrologische publicaties over het onderwerp moeten erbij betrokken worden, indien zij aanwezig zijn. Ook dient men niet-astrologische informatie te verzamelen en deze invalshoeken te onderzoeken, indien het onderwerp daartoe aanleiding geeft. De eindscriptie kan echter ook een bepaald (bijvoorbeeld specialistisch) onderwerp uitdiepen, waardoor zichtbaar wordt dat de kandidaat op een eigen wijze de astrologische materie kan hanteren.
 
5. Een literatuurlijst en een literatuurverslag. Dit verslag laat zien hoe en door welke stromingen en auteurs de kandidaat is geïnspireerd en beïnvloed.
 
6. Een werkstuk waarin de kandidaat beschrijft hoe hij/zij werkt met de astrologie. Een korte analyse van de eigen horoscoop toegespitst op het eigen ontwikkelingsproces tijdens de astrologiestudie De volgende punten vormen hierbij het uitgangspunt:
-        Vanuit welke behoefte of interesse is een start gemaakt met de astrologie?
-        Welke betekenis heeft de astrologie in je persoonlijke leven gekregen en welke ontwikkelingen zijn daaruit voortgekomen?
-        Vanuit welke ideeën (beroepsvisie) wil je de astrologische kennis gebruiken en hoe pas je dat in de praktijk toe.
 
Het eindgesprek.
De kandidaat kan pas deelnemen aan het eindgesprek als alle werkstukken zijn ingeleverd en goedgekeurd. Het examen omvat onderdelen als: bespreking eindwerkstuk en andere werkstukken, een gesprek over de visie op astrologie, eigen ervaringen, evaluatie van de gevolgde scholing en de eigen ontwikkeling, gelezen literatuur, toekomstperspectieven. Tijdens het eindgesprek wordt van de kandidaat verwacht dat hij/zij op begrijpelijke wijze vragen beantwoorden en de eigen stellingen zal kunnen verdedigen. Het oordeel van de erkenningscommissie bepaalt of de kandidaat als erkend lid tot de ASAS wordt toegelaten.
 
De vorm. Het werkstuk bevat: een voorwoord (persoonlijke aanleiding en motivatie), een inleiding (doelstelling, onderwerp en hoofdgedachte), een middenstuk (uitwerking, theoretische benadering, achtergronden, voorbeelden), een slot (conclusie, terugkoppeling naar hoofdgedachte), een nawoord (persoonlijk, wat had ik eraan) en een literatuurlijst (geraadpleegde werken). Lengte werkstuk: richtlijn 10 a 15 pagina’s A4 tekst, excl. bijlagen (horoscopen, lijsten).
 
2.2. Het landelijk examen
 
Het landelijk examen omvat:
1.    een opname van een consult met een radixduiding waarin prognosetechnieken worden toegepast;
2.    vijf consultverslagen
3.   een op schrift gestelde visie op het vak astrologie/astroloog
4.   een ter plekke voorbereide casus met vraag van cliënt
 
Voor verdere uitleg, procedures en criteria van het landelijk examen wordt verwezen naar Examenregeling Landelijk Examen.
 
 
Deze regeling is goedgekeurd op de ALV van oktober 2011.
 
De regeling is opgesteld door de LEC, de Landelijke Examen Commissie. Download file  


BEROEPSCOMPETENTIEPROFIEL
 
Zowel de opleiding als de kandidaat hebben behoefte aan duidelijk omschreven kwaliteitscriteria, die verwacht worden van een erkend ASAS-lid. Daarom werkt de ASAS conform het beroepscomptentieprofiel en de kwalificatiestructuur. De hierin beschreven beroepscompetenties zullen bij net afgestudeerde astrologen nog niet volledig tot ontwikkeling zijn gekomen. Deze beroepscompetenties bieden echter houvast voor de kandidaat en de opleiding om helder te krijgen waar men naar toe moet werken. Meer info staat in het Beroepscompetentiesprofiel. Het beroepscompetentieprofiel is bechreven in een 21 pagina's tellend pdf document. Hierin staat welke beroepscompetenties de Praktijkvoerend Astroloog moet hebben.